Laat je innerlijk kind vrij

Het leven van een baby begint bij de ouders. Als baby ben je afhankelijk van jouw ouders om te kunnen overleven. Van hen leer je alles en zij zijn verantwoordelijk voor het voorzien in jouw basisbehoeften. Over liefde, seksualiteit, geven en ontvangen, jezelf zijn, omgaan met je emoties, je dromen en je angsten. Je neemt deze aangeleerde overtuigingen (onbewust) met je mee als je ouder wordt en heeft dit invloed op je relaties en alles wat je aantrekt (en afstoot) in het leven.

Wat er nodig is om jezelf te kunnen zijn

Piramide van Maslow

Volgens de theorie van Maslow zijn er vijf basisbehoeften die een kind nodig heeft om optimaal te kunnen groeien en ontwikkelen om de beste versie van jezelf te kunnen zijn. Ten eerste de lichamelijke behoeften als eten, drinken, ademen, slapen, seks en beweging. Als tweede veiligheid en zekerheid, stabiliteit en bescherming. Ten derde noemt Maslow het belang van sociale zekerheid en verbinding. Je geliefd voelen en het gevoel hebben van ergens bij horen, liefde, vriendschap en familie. Als vierde waardering, respect voor jezelf en anderen. Hierbij hoort ook zelfwaardering, complimenten en erkenning. Als hieraan voldaan wordt kom je bij nummer vijf, zelfontplooiing. Helemaal jezelf kunnen zijn, de ruimte voor zelfontwikkeling/studie, zelfbewustzijn, creativiteit en onafhankelijkheid.

Innerlijke strijd

Wanneer ouders door omstandigheden niet kunnen voorzien in een of meerdere van bovenstaande basisbehoeften, gaat dit voor knelpunten/blokkades zorgen. Doordat ouders zelf nog onverwerkte trauma’s bij zich dragen, waardoor hun hart niet volledig open staat, kunnen zij jou niet de liefde geven die je verdient. Hierin ligt geen verwijt, het is gewoon zo. Toch wil je die liefde en aandacht, ontspannenheid en gewoon jezelf zijn. Niet al die stress en onveiligheid. Leuk, luchtig, vrij leven, vol liefde!

Je gaat manieren verzinnen, dingen uitproberen om toch die aandacht en liefde te krijgen. Om gezien te worden, om te voelen dat je bestaat en leeft en er mag zijn. Je gaat je anders voordoen dan dat je werkelijk bent, uit angst voor afwijzing en afscheiding. Je wilt die verbinding aangaan, die liefde voelen. Zo verwarrend allemaal. Er ontstaat een strijd in jezelf. En iedere keer dat je je weer anders voordoet dan hoe je je werkelijk voelt of wie je werkelijk bent, lijk je een stukje meer bij jezelf vandaan te raken. Alsof een deel van jou er niet mag zijn.

De liefde voor jezelf

Je mag dat kind in jezelf de liefde geven die je verdient en voorzien in jouw werkelijke behoeftes, vanuit zachtheid en zelfliefde. Weet dat je altijd al goed bent zoals je bent, alleen de omstandigheden schepte verwarring. Je ging geloven dat je beter anders kan zijn of die liefde niet verdient. Dat idee mag je loslaten. Ga eens naast dat kind zitten. Hoe voelt die kleine jij zich? Alleen? Verdrietig? In de war? Of misschien voel je niet zoveel, voel je je vooral leeg? Heb je je hart gesloten, omdat je je waardeloos en niet waardig van liefde voelt?

Je mag die beperkende overtuigingen loslaten

Lief kind, weet dat je er mag zijn. Weet dat je hier welkom bent en nodig bent! Je bent gewenst en prachtig.
Kan je het voelen in je buik? Jouw eigen energie. Voel de zachtheid voor jezelf en visualiseer jezelf in de zon. Lach naar jouw innerlijke kind. Geef jezelf een compliment. Wat ben je mooi! En lief.

Ga dat gesprek maar eens aan met dat kind in jou. Hoe voel je je? Wat zie je? Wat gebeurt er? Wat doet dat met jou? En wat denk je nu? Of wat ga je nu doen? Daarin zal je gaan ontdekken wat jouw overlevingsstrategieën zijn. Ga je presteren, grappen maken, voor iedereen zorgen of jezelf heel klein maken? Of ga je proberen alles onder controle te hebben? Ben je aanwezig in je lichaam, bij jezelf? Of vooral bij de ander. Of zit je vooral in je hoofd. Zit je continu in de overlevingsstand en is er helemaal geen ruimte voor jouw behoeftes en gevoelens.

Zie je dat je altijd al liefde waard bent? En precies goed bent zoals je bent? Je mag jezelf troosten. In je armen nemen. Verzorgen. Jouw behoeftes doen er toe. Jouw gevoelens mogen er zijn. Je mag bang zijn. Ik weet dat je je soms alleen voelt, maar ik ben altijd bij je. Er zijn engelen en elfjes bij je. Voel je die liefde en begeleiding? Weet dat je veilig bent. Veilig bij jezelf. Altijd al. Je hoeft het niet alleen te doen. Ik hou van jou, mooi en lief kind!