Liefdesbang

‘Liefdesbang’ is de titel van het boek van Hannah Cuppen, zoals zij het ook wel noemt. Over hoe je huidige relaties beïnvloed worden door je jeugd. Over de angst om verstikt te worden of de angst om verlaten te worden. Over veiligheid en hartenpijn. In dit blog deel ik mijn visie hierover met praktische tips voor eerst een hartverbinding met jezelf en van daaruit met anderen.

Liefde, ruimte voor jezelf

Hoe het begint

In je jonge jaren leer je over liefde en verbinding aangaan met mensen. Als baby ben je afhankelijk van de mensen om jou heen (jouw ouders), die jouw veiligheid waarborgen. Zij leren je om te gaan met emoties en hoe te verbinden met mensen. Naast dat je genoeg te eten kreeg, je luier op tijd werd verschoond en je werd gewassen, gaat dit ook over troosten wanneer je verdrietig was en de ruimte krijgen om jezelf te kunnen ontplooien. Ruimte om je emoties te mogen voelen in de veilige aanwezigheid van een ouder.

De manier waarop je hiermee leert omgaan is grotendeels afhankelijk van jouw ouders en in hoeverre zij op dat moment in staat zijn om een hartverbinding aan te gaan of dat ze zelf nog last hebben van onverwerkte trauma’s, waardoor hun hart gepijnigd is. Hierin ligt geen oordeel of verwijt, het mocht gewoon zo zijn.

Foto’s Unsplash

Waardering en aandacht
Als je een of meerdere ouders hebt die emotioneel niet beschikbaar waren op het moment dat jij zelf baby was, kon die hartverbinding niet plaatsvinden. Als baby blijf je zoeken naar die diepere verbinding met je ouder, maar dit lukt niet. Onbewust leer je dat die liefde niet bij je hoort, dat je emoties er niet mogen zijn en dat je sterk moet zijn. Die ouder heeft namelijk zelf nog zoveel onverwerkte emoties, waardoor er emotioneel geen ruimte is om ook met die van jou te kunnen omgaan.

Als kind wil je toch die aandacht en waardering van je ouder en je hebt een loyaliteitsgevoel, dus je wilt voor je ouder zorgen. Als kind wil je niets liever dan dat het goed gaat met je ouders, dus waarschijnlijk zet je jouw eigen behoeftes aan de kant en ga je zelf de ouderrol overnemen.

Wanneer een ouder wel emotioneel beschikbaar is, maar dit bijvoorbeeld niet bij de partner vindt, kan de ouder dit onbewust bij het kind zoeken. Of zichzelf verliezen in het zorgen voor het kind. Dit kan verstikkend werken en ervoor zorgen dat het kind geen ruimte voelt voor zichzelf. Tegelijkertijd leert het kind dat hij of zij aandacht krijgt als mensen emotioneel afhankelijk van hem of haar zijn. Onbewust verlaat het kind de eigen behoeftes en stelt zich beschikbaar voor de ouder.

Ook als ouders over beschermend, controlerend of streberig zijn kan dit zorgen voor een gevoel van verstikking en weinig vertrouwen. Het kind kan zichzelf mindergoed ontplooien en zelf ontdekken en doet daardoor weinig zelfvertrouwen op. Ook kan dit voor prestatiedrang zorgen.

Al deze ervaringen kunnen in huidige relaties voor verschillende patronen zorgen. Een dans van aantrekken en afstoten. Wanneer je die hartverbinding met een ouder niet kon maken, ga je bijvoorbeeld wanhopig op zoek naar een hartverbinding bij een nieuwe partner. En wanneer dit niet lukt voel je je depressief. Wanneer die verbinding echt werkelijkheid kan worden komt weer die angst om verlaten te worden naar boven en sluit je je weer af. Of je houdt mensen vooral op afstand, omdat die hartverbinding veel te onbekend en eng is. En als je het dan toch probeert, je vervolgens weer bang bent om verlaten te worden.

Al deze vormen van liefde vragen en ontvangen, hebben ervoor gezorgd dat je kon overleven. Je mag jezelf dankbaar zijn voor die technieken. Ze hielpen je, maar wellicht nu niet meer. Zie het licht in jezelf en in je ouders, die niet anders konden en jou leren over liefde en je eigen kracht.

Nu wil je waarschijnlijk een duurzamere relatie met jezelf en met anderen. Niet vanuit binding en de ander nodig hebben om een leegte in jezelf op te vullen, maar vanuit liefde voor jezelf en de ander als aanvulling daarop. Heling begint bij jezelf en je focussen op de liefde in jezelf. De pijn er laten zijn en ruimte geven om die wonden te voelen. Je licht erop schijnen en geduld hebben met jezelf. Liefdevol aanwezig zijn. En iedere keer als je merkt dat je weer in oude patronen vervalt, even een moment voor jezelf nemen. Weer terugkeren naar jezelf en voelen welke wond er nu wordt aangeraakt vanuit het verleden die je mag helen.